Peter Bakker, Raadslid & Fractievoorzitter GroenLinks Breda (Foto: Kick Smeets Fotografie)

Topsporthal: "Zet geld nu liever in voor méér mensen die het nodig hebben."

Volgens GroenLinks is de businesscase voor de bouw van een topsporthal in Breda ("het Talentencentrum") geen goede keuze. De plannen zetten namelijk maar half en indirect in op méér mensen aan het sporten krijgen - juist nu dat zo belangrijk is. Bovendien kost de topsporthal momenteel en met het huidige budget zo veel dat er weinig over blijft om juist daarop in te zetten. Wij zetten het geld liever in voor initiatieven die meer Bredanaars bereiken, jong én oud.

De spreektekst van Peter Bakker tijdens de raadsvergadering  van 6 juni 2019:

"Veel dank aan de mensen van het stadskantoor en de consultants voor het uitwerken van dit politieke idee tot een heldere business case, en alle daarbij verzorgde toelichtingen.

GroenLinks vindt sport belangrijk, investeert graag in mensen, en daarom ook in accommodaties die mensen samenbrengen. Wij willen graag zoveel mogelijk mensen in beweging krijgen en zo aan hun gezondheid laten werken. Ook groepen mensen die dat nu niet zomaar uit zichzelf doen.

Wij willen inzetten op sportcentra die ruimte bieden aan iederéén. Die zoveel mogelijk mensen aanzetten tot het ontdekken van hun talenten. En die zo één grote kweekvijver kunnen zijn voor toonaangevende sporters uit Breda.

De vraag ligt nu voor of we kunnen instemmen met de keuze voor het scenario Sportcentrum Terheijdenseweg inclusief indoor atletiekvoorziening. Of we de aanvullend benodigde middelen straks bij een integrale afweging voor de voorjaarsnota willen betrekken. En of we nu al een aanvullend voorbereidingskrediet van 150.000 willen verstrekken uit de reeds gereserveerde middelen.

GroenLinks staat op het standpunt dat als je nú 150.000 uittrekt voor verdere uitwerking, je straks in principe óók bereid moet zijn om groen licht te geven. We laten onze ambtenaren immers niet werk voor niets doen. En we vallen externe partijen niet lastig met kansloze offerte-uitvragen.

Daarom is het wat GroenLinks betreft nú het moment om te bezien waar we staan. Laten we daarom de doelen aflopen die je met dit sportcentrum zou willen bereiken.

Een eerste motivatie was om gezichtsbepalende indoortoernooien naar Breda te kunnen halen, en zo Breda op de kaart te zetten. Terecht wordt nu gesteld, dat je dat veel beter in Breepark kunt doen. Een hal dimensioneren op afmetingen die je misschien maar eens in de vier jaar nodig hebt is gekkenwerk. Zeker als er al accommodatie is die daarin wél kan voorzien. Tegelijkertijd moeten wij dan constateren dat daarmee de helft van de ambitie van de oorspronkelijke motie topsporthal uit 2017 van de baan is.

Ten tweede zouden we met het centrum een flink deel van het sportzalentekort kunnen invullen. Een goed doel, en dit plan voorziet daarin deels. De vraag is dan of dit de manier, en de plek is om dat te doen.

Het plan zoekt synergie met het onderwijsveld om tot een hoge bezettingsgraad te komen. Wat tegelijk ook een valkuil kan zijn: het lijkt van het begin af schipperen met de ruimte. De clubs moeten zich voegen naar de tijdvakken die het ROC overlaat, en daartussenin moet je ook nog ruimte vinden voor de talentenprogramma’s.

Die synergie en de hoge bezetting moeten zich uitbetalen in lage exploitatielasten. Wij schrikken van wat nu op dat gebied voor ligt. Er ontstaan serieuze extra exploitatielasten. 1 plus 1 is zeker nog geen 3. Wij begrijpen heel goed dat het college nog kritisch is op het geschetste exploitatieperspectief. Het betreft een keuze die een hypotheek op de toekomst legt. Een keuze die je inderdaad in het integrale perspectief van de Voorjaarsnota moet doen. Kiezen voor dit sportcentrum, betekent tegelijkertijd de keuze om veel andere dingen niet te doen.

De vraag is ook of concentratie van zaalcapaciteit op deze plek nou dé oplossing is.

GroenLinks stuurt niet graag jeugdige sporters met de fiets de lastige kruising Noordelijke Rondweg - Terheijdenseweg over. Dit is een echte autolocatie. Met de komst van het sportcentrum wordt het er nog drukker, terwijl de rondweg al aan zijn taks zit.

Tegelijkertijd zien we in andere delen van Breda ook andere interessante initiatieven opkomen voor de uitbreiding en vernieuwing van sportzalen. Initiatieven die gedragen zijn door mensen in de stad, zoals in Princenhage en Bavel. Dat zijn natuurlijk heel andere projecten, die uiteindelijk wél om hetzelfde geld rivaliseren. Wat is er mooier dan dat mensen op hun fietsje of te voet kunnen gaan sporten in hun eigen dorp of wijk? In Princenhage denken ze nu uit te kunnen komen op een voorziening van maar liefst 18 badmintonbanen met een sluitende exploitatie.

Een derde doel dat Breda wil bereiken met dit sportcentrum is het aantrekken van talentenprogramma’s en zo talenten binden aan Breda. Naast de twee talentenprogramma’s die Breda al huisvest, wordt er nog ééntje toegevoegd: badminton. Gaat dat het beeldbepalende verschil maken? De 50 - 100 talenten per jaar die dit sportcentrum straks kan gaan huisvesten, zijn echte ‘gelukspoepers’ die door de gemeenschap gepamperd worden met een schitterende accomodatie.

Wat GroenLinks betreft steekt dat nogal schril af tegen de duizenden kinderen in de naastgelegen Hoge Vucht die opgroeien in gezinnen met armoede en schuldenproblemen. Gezinnen waarvan we in weerwil van hun lastige uitgangspositie juist steeds méér zelfredzaamheid vragen. Verborgen talenten die al in Breda wonen, en die een duwtje in de rug heel goed kunnen gebruiken om eruit te halen wat erin zit. De wethouder zegt toe dat hij gaat kijken hoe het sportcentrum ook méér betekenis voor mensen uit deze naastgelegen wijken kan geven.

De business case is nu een heel andere. De vraag is of er daarin nog wel ruimte overblijft voor andere dingen.

Onderzoek eens voor welke sporten de meeste belangstelling bestaat in de omliggende wijken. Het zou ons niets verbazen als bijvoorbeeld urban sports en vecht- en krachtsporten hoog op het verlanglijstje staan bij de jongeren in de buurt. Sporten die veel minder georganiseerd zijn langs klassieke sportbonden en nu buiten het concept van de regionale talentencentra vallen.

Een vierde doel is voor GroenLinks heel belangrijk: zorgen dat we ook groepen mensen aan het bewegen krijgen die dat nu nog niet doen. Bijvoorbeeld uit preventie-oogpunt in de strijd tegen overgewicht. Of bijvoorbeeld om ouderen fit te houden. Als alternatief voor wat rondhangen op straat, en dus in de preventie tegen overlast. En als samenbindende activiteit over bevolkingsgroepen heen.

De nu voorliggende businesscase gaat uit van het geloof dat het uitlichten van talenten indirect anderen zal aanzetten tot sporten. De vraag blijft of het in de praktijk ook zo werkt. Waarom deze omweg en niet werken aan een aanpak die deze groepen direct meer bij sport en beweging betrekt?

Tot slot is dan de vraag of dit nu hét moment is om deze keuze te maken. Het geld van Breda is op dit moment beperkt. De bouwkosten zijn op dit moment hoog. Een keuze voor dit centrum, op dit moment, betekent dus dat je andere dingen straks niet kunt doen.

GroenLinks is aan deze keuze nu niet toe. Werk andere, van onderop gedragen, initiatieven ook eerst uit tot business case, zodat je een samenhangende keuze kunt maken. Wij zetten het geld op dit moment liever in voor initiatieven die méér mensen bereiken, liefst jong én oud. Die álle kinderen en jongeren in beweging krijgen, of je nu meer of minder talent hebt op sportgebied. Mensen die een steuntje in de rug wat harder nodig hebben. Rond de voorjaarsnota zullen we met komen met voorstellen die daarin voorzien."