Tijdens de gemeenteraadsvergadering van 28 september jl. vonden op verzoek van GroenLinks twee interpellaties plaats. Het ging over het gedraai van de gemeente in de zaak Graauwmans-van der Drift en het ging over het nieuwe beleid van de gemeente over de volkshuisvesting in Breda.

Tijdens de gemeenteraadsvergadering van 28 september jl. vonden op verzoek van GroenLinks twee interpellaties plaats. Het ging over het gedraai van de gemeente in de zaak Graauwmans-van der Drift en het ging over het nieuwe beleid van de gemeente over de volkshuisvesting in Breda.

Interpellaties in de raad
Burenruzie en volkshuisvesting op de raadsagenda

Tijdens de gemeenteraadsvergadering van 28 september jl. vonden op verzoek van GroenLinks twee interpellaties plaats. Het ging over het gedraai van de gemeente in de zaak Graauwmans-van der Drift en het ging over het nieuwe beleid van de gemeente over de volkshuisvesting in Breda.

Interpellatie: het middel
Interpellatie is een methode om een kwestie die (nog) niet op de politieke agenda staat, alsnog aan de orde te stellen in de gemeenteraad. Veel komt het niet voor; schijnbaar vinden raadsleden het een erg zwaar middel om te hanteren; maar het is niet automatisch zo dat een interpellatie als middel moet worden ingezet om een wethouder naar huis te sturen. Elk raadslid dat nadere uitleg wil hebben over het gevoerde beleid, als bijvoorbeeld beantwoording van schriftelijke vragen over een onderwerp onvoldoende was, kan een interpellatie vragen.

De kwestie Graauwmans-van der Drift
Wat ogenschijnlijk slecht een uit de hand gelopen burenruzie lijkt (over een aanbouw tegen de muur van de buurman, althans, bijna tegen die muur) kan een politiek item van je welste blijken te zijn. Zelden zal de gemeente zo hebben gerommeld met vergunningverlening als in deze zaak. Kort komt de kwestie er op neer dat Van der Drift zijn woning wilde uitbreiden tot vijftien centimeter van de zijmuur van buurman Graauwmans. Tegen het zere been van Graauwmans, die niet voor niets in een vrijstaand huis woonde. Hij klaagde bij de politiek dat de gemeente te weinig rekening hield met zijn belang; Van der Drift kreeg juist wèl medewerking, totdat hij begon met bouwen: toen opeens vond de gemeente dat hij dat niet mocht doen.

Over dat zwalkend beleid werd wethouder Van Beusekom bevraagd. In haar beantwoording benadrukte ze dat kritiek op de ambtenaren uit den boze was. Probleem was echter dat zij vond dat het met de gemaakte fouten wel meeviel en dat zij dus ook niet de politieke verantwoordelijkheid voor het zwalkend beleid voor haar rekening wilde nemen. De meerderheid van de raad reageerde eigenlijk niet en zo kwam de wethouder goed weg.

Volkshuisvestingsbeleid
GroenLinks heeft zich in toenemende mate verbaasd over het feit dat de gemeente, in dit geval ook weer wethouder Van Beusekom, nieuw beleid inzake de volkshuisvesting inzet, maar nalaat - ondanks alle beloftes daartoe - om met actuele cijfers te komen over woningbehoefte en woningmarkt in Breda. Ook GroenLinks wil discussiëren over trends op de woningmarkt, zoals de grotere vraag naar kwaliteit, en de grotere diversiteit in groepen en huishoudens die een beroep doen op de woningmarkt. Probleem is echter dat de wethouder vooruitloopt op harde woningmarkt- en woningbehoeftecijfers, en nu al bepaalt dat het percentage goedkope (huur) woningen in de vinex-nieuwbouwlokaties Nieuw-Wolfslaar en Teteringen omlaag kan. Ook is een nieuw beleid ingezet, waarin goedkope woningen niet meer gebouwd gaan worden.
Ook andere oppositiepartijen, zoals de SP en Breda 97, sloten zich aan bij de kritiek van GroenLinks, en waren medeondertekenaars van een motie; deze motie kwam er eigenlijk op neer dat de coalitie zich aan het eigen programakkoord (van nog maar een jaar geleden!) diende te houden, dat wel voorziet in goedkope woningen.

Van Beusekom wist niets anders te bedenken dan dat de motie overbodig was omdat de coalitie zich natuurlijk aan haar eigen programakkoord diende te houden. De consequentie daarvan, nog geen ander beleid voeren zolang er nog geen conclusies kunnen worden getrokken op basis van harde gegevens, weigerde zij echter te nemen. De Partij van de Arbeid, in de raadscommissie nog van mening dat het nieuwe beleid onvoldoende onderbouwd was, weigerde de wethouder op dit punt af te vallen. Ook het CDA - dat zich in de commissie eveneens kritisch had opgesteld - liet het in de raad afweten. Het zal dan ook niet verbazen dat de motie het niet haalde.

Resultaat
Wat leveren dit soort interpellaties nu op? Natuurlijk is het zo dat de oppositie getalsmatig maar een kleine minderheid vertegenwoordigt. Als puntje bij paaltje komt, en de coalitie de gelederen sluit, trekken wij aan het kortste eind. Dat neemt niet weg dat we met een interpellatie wel gedaan krijgen dat de raadsagenda voor een deel door ons wordt bepaald, en niet uitsluitend door het college van B&W. Ook onderwerpen die wij de moeite van het bespreken waard vinden, kunnen aan bod komen in het openbare debat. De pers heeft er tot nu toe nog maar weinig aandacht aan besteed. Ongetwijfeld heeft dat ook te maken met het feit dat interpellaties steeds achteraan geplaatst worden op de agenda. Zo rond middernacht zijn de mensen van de krant al weer naar huis. GroenLinks zal zich sterk maken voor interpelleren als hoofdgerecht in de raadsvergadering, in plaats van mosterd na de maaltijd.